Vorig jaar liep ik tegen een probleem aan dat ik zelf had kunnen voorkomen. Mijn regenton, 300 liter, stond aan de achterzijde van het schuurtje. Fijn voor de tomaten. Tot eind september. Toen stonk het water zo erg dat mijn vrouw weigerde de gieter nog in haar handen te nemen. Groen, troebel, een vleugje open riool. Ik dacht eerst aan een dood dier. Was het niet. Het waren bladeren. Tientallen. Ik had de deksel er een maand niet opgedaan.
Het duurde even voor ik doorhad hoe snel dat gaat. Eén natte herfstweek, wat wind uit de verkeerde hoek, en je ton is een compostvat geworden. Alleen dan met water erbij. En algen. En bacteriën die feesten op alles wat rot.
Wat er precies gebeurt in je regenton
Een regenton is eigenlijk een perfecte omgeving voor biologische groei. Je hebt water, je hebt organisch materiaal dat van het dak afspoelt, en je hebt temperaturen die in het najaar nog prima zijn voor micro-organismen. Die combinatie gaat hard.
Bladeren, dennenaalden, mossen, vogelpoep. Het komt allemaal via de regenpijp in je ton terecht. Zodra dat spul in het water ligt, begint het te ontbinden. Bacteriën breken het af. Daarbij komen voedingsstoffen vrij. Stikstof, fosfor. Precies wat algen nodig hebben om explosief te groeien.
De groene drab die je ziet is meestal zweefalggroei. Die gedijen al bij een beetje licht en voedingsstoffen. Als je ton geen volledig lichtdichte deksel heeft, of als de deksel scheef staat, komt er genoeg licht binnen om die algen op gang te helpen. Dat proces versnelt enorm bij temperaturen boven de 10 graden.
De stank komt van anaerobe bacteriën. Die ontstaan wanneer het zuurstofgehalte in het water daalt, wat gebeurt als er veel organisch materiaal afbreekt. Zwavelwaterstofgas, dat rotte-eieren-luchtje. Niet fijn. Niet gezond ook, maar in de buitenlucht bij een regenton geen direct gevaar.

Waarom najaar het ergst is
Lente en zomer geven ook wel wat vervuiling. Maar het najaar is een ander verhaal. De bladval begint, de wind trekt aan, en juist in die periode regent het vaak genoeg om je ton steeds te vullen met vers besmet water. Elke regenbui spoelt nieuw organisch materiaal naar binnen.
Ik merkte dat vooral in november. Ton zat halfvol, leek redelijk helder. Week later na twee stortbuien: dikke groene soep. De temperatuur was nog rond de 12 graden, warm genoeg voor bacteriën om door te werken. Koud genoeg om te denken dat er niks aan de hand was.
Een buurman van drie huizen verderop had hetzelfde. Hij goot het water gewoon over zijn gazon. Stonk nog dagen.
Eerste stap: voorkomen dat troep erin komt
Dit klinkt zo logisch dat ik me schaamde dat ik er pas na twee seizoenen mee begon. Maar goed. Beter laat dan nooit.
- Monteer een bladfilter of regentonfilter in de regenpijp. Kost tussen de 15 en 40 euro, afhankelijk van het type. De meeste klik je gewoon in een standaard HWA-buis.
- Leg een fijnmazig gaas of oud vitragegordijn over de opening als je ton een open bovenkant heeft. Niet mooi, wel effectief.
- Controleer de dakgoot minimaal twee keer per najaar. Verstopte goten duwen troep richting de regenpijp.
Ik heb nu zo’n filterbol in de regenpijp zitten. Werkt redelijk. Niet perfect, kleine deeltjes komen er nog doorheen, maar het grove spul blijft hangen. Elke paar weken even leeghalen.
Water donker houden
Algen hebben licht nodig. Geen licht, geen algengroei. Simpel principe, maar in de praktijk vergeet je het snel.
Een regenton van donker kunststof helpt. Groen of zwart. Doorzichtige of lichtgekleurde tonnen zijn vragen om problemen. Als je toch zo’n ton hebt, kun je hem inpakken met een oude deken of antiworteldoek. Ziet er niet uit, maar het werkt.
De deksel moet goed sluiten. Geen kieren. Ik had een deksel die net niet paste, er zat een halve centimeter spleet rondom. Leek niks, maar dat was genoeg om algengroei te triggeren. Heb er uiteindelijk een rubberstrip omheen geplakt. Probleem opgelost.
Regelmatig legen en schoonmaken
Dit is het deel waar ik lui in was. Maar het moet. Minimaal één keer per jaar, liefst aan het eind van het seizoen, ton helemaal leegmaken en schrobben.
Ik gebruik een harde bezem en een beetje groene zeep. Geen chloor, dat wil je niet op je planten hebben als er restanten achterblijven. Goed naspoelen met schoon water. Laten drogen als het kan.
Het slib op de bodem is het ergst. Dat laagje van een paar centimeter dat je niet ziet tot je de ton kantelt. Daar zitten de bacteriën, daar begint de stank. Eruit scheppen met een oude soeplepel of tuinschep.

Hulpmiddelen die werken (en eentje die niet werkte)
Er zijn verschillende middeltjes te koop om regentonwater helder te houden. Sommige werken aardig.
- Kopersulfaat of kopermunten. Koper remt algengroei. Een handvol koperen centen op de bodem van je ton helpt echt. Oude stuivers van voor de euro zijn ideaal. Ik heb er een stuk of twintig in liggen.
- Houtskool. Een paar brokken houtskool absorberen organische stoffen en helpen tegen geur. Moet je wel om de paar maanden vervangen.
- Speciale regentonpillen op basis van bacteriën die organisch materiaal afbreken. Werken redelijk, maar kosten geld en je moet ze blijven bijvullen.
Wat bij mij niet werkte: azijn. Las ergens dat een scheut azijn het water zou zuiveren. Heb het geprobeerd. Stonk nog steeds na twee weken, maar nu ook naar azijn. Mijn tomaten vonden het ook niks.
In de winter: ton leeg of vol?
Hier zijn de meningen verdeeld. Ik laat hem leeg. Een volle ton kan bij strenge vorst scheuren, zeker als het een goedkoop kunststof exemplaar is. Water zet uit bij bevriezing. Dat moet ergens heen.
Als je hem toch vol wilt houden voor vroege voorjaarsirrigatie, zet dan de kraan open of leg de deksel schuin zodat er ruimte is voor uitzetting. Maar ik heb het liever niet. Liever in maart weer beginnen met schone ton en vers regenwater.
Wanneer het water echt niet meer bruikbaar is
Stinkend water kun je meestal nog gebruiken voor planten die niet eetbaar zijn. Sierheesters, gazon, hagen. Geen probleem. Maar als het water dik slijmerig is, of als je witte schimmeldraden ziet drijven, dan is het tijd om te lozen.
Niet in het riool gieten als je een gescheiden stelsel hebt. Dan gaat het rechtstreeks naar het oppervlaktewater. Giet het liever uit over een stuk grond waar het kan inzakken. Of verdeel het over meerdere plekken in kleine hoeveelheden.
En daarna: ton schoonmaken, oorzaak aanpakken, opnieuw beginnen.
Kost een uurtje. Scheelt een jaar ergernis.







